Het Breitner Center in Amsterdam (ook wel bekend als Philipstoren) ondergaat een ingrijpende transformatie. De kantoortoren is oorspronkelijk ontworpen in 2001 i.c.m. HE Adviseurs (nu Huygen) – dat geeft de duurzame relatie met de opdrachtgever mooi weer. Nu wordt de toren klaargemaakt voor een nieuwe fase – met Van Lanschot Kempen als huurder en een duidelijke ambitie: van een al duurzaam gebouw naar nog duurzamer, terwijl het klimaatcomfort sterk toeneemt.
“Je bouwt verder op wat er al is”
Op de 23e verdieping, waar de techniek samenkomt, wordt direct duidelijk wat de kern van de aanpak is: zorgvuldig hergebruik en optimalisatie. “Wat we hier doen, is zoveel mogelijk behouden,” legt projectleider Rob Leijs uit. “Je bouwt verder op wat er al is. Alleen daar waar het nodig is, passen we aan of vervangen we installaties.”
De bestaande structuur van het gebouw blijft daarmee grotendeels intact. Tegelijkertijd wordt de techniek toekomstbestendig gemaakt: Van verbeteringen in het luchtbehandelingssysteem tot een vernieuwde slimme regeltechniek.

Stapsgewijs transformeren
De transformatie is opgeknipt in verschillende fasen. Verdiepingen worden casco opgeleverd en vervolgens per niveau overgenomen door de huurder voor verdere afbouw.
“Je ziet hier letterlijk de overgang van verhuurder naar huurder,” vertelt Rob, terwijl we naar beneden gaan door het gebouw en daarbij eigenlijk ook een tijdreis maken door het bouwproces. “De basisinstallaties liggen er – denk aan sprinklers en klimaatplafonds – maar de verdere invulling is aan de huurder.”
Die aanpak vraagt om een strakke afstemming tussen ontwerp en uitvoering. “De kracht zit in het stap voor stap opleveren. Per verdieping bouwen we verder, terwijl de volgende fase al wordt voorbereid.”
Slimme installaties en gebruikerscomfort
“Drie belangrijke thema’s in het project zijn Human Centric Lighting (HCL-verlichting), draadloos aansturen van de brandveiligheidsinstallatie en flexibiliteit & gebruikersgemak. Dat zie je direct terug in de installaties.”
Het resultaat: gebruikers krijgen meer controle over hun werkomgeving. “Medewerkers kunnen straks zelf hun werkplek instellen. Temperatuur, lichtniveau en kleur, wat weer bijdraagt aan comfort en welzijn.”

Gezonde gebruikers
Naast techniek speelt ook de gezondheid van gebruikers een grote rol. “In het originele ontwerp werd je eigenlijk niet uitgenodigd om de trap te nemen,” zegt Rob daarover. “Daar brengen we nu verandering in, onder andere vanuit de duurzaamheidsambitie.”
In de plint en lobby komen zichtbare en aantrekkelijke trappen, zodat beweging gestimuleerd wordt. “Dat lijkt misschien een klein detail, maar het zegt veel over hoe je een gebouw wil laten functioneren.”
Complexe puzzel in bestaande bouw
De grootste uitdaging in het project, tegelijk ook de grootste kans, zit volgens Rob in het combineren van oud en nieuw. “Dit is geen nieuwbouw. Je werkt binnen bestaande structuren, met bestaande installaties en beperkte ruimte. Tegelijkertijd wil je naar het hoogste duurzaamheidsniveau en klimaatniveau.”
Dat vraagt om slimme oplossingen – bijvoorbeeld bij de techniek, maar ook in de logistiek van het gebouw. “Denk aan de liften, die in zones zijn opgedeeld vanwege de hoogte, of aan de nieuwe lift vanuit de parkeergarage die direct naar de kantoorverdiepingen gaat. Dat soort ingrepen moet je heel zorgvuldig inpassen.”

Samen Oosterhoff
Een belangrijk onderdeel van het project is de samenwerking binnen het Oosterhoff-netwerk. “We hebben hier echt voordeel van het ecosysteem,” zegt Rob. “We kunnen snel schakelen met partijen als bbn en ABT, die ook vaak ter plaatse zijn. We vormen als het ware één hecht projectteam – ook met onze externe partners, waarmee de samenwerking uitstekend verloopt.”
Huygen is verantwoordelijk voor het installatieadvies en speelt een centrale rol in het ontwerp en de afstemming. bbn adviseurs is betrokken bij de proces- en projectsturing, terwijl ABT zijn expertise inbrengt op het gebied van bouwfysica. “Doordat we elkaar kennen en vaker samenwerken, kunnen we sneller schakelen en houden we de kwaliteit hoog – ook bij een project met deze complexiteit.”

Een toren met een tweede leven
Met de komst van Van Lanschot Kempen krijgt het Breitner Center een nieuwe identiteit. De toren wordt niet alleen technisch opgewaardeerd, maar ook opnieuw gepositioneerd als toekomstbestendige werkomgeving. “Het mooie is dat je een bestaand gebouw echt opnieuw relevant maakt,” besluit Rob. “Niet door alles te vervangen, maar door slim voort te bouwen. Dat is uiteindelijk ook de meest duurzame keuze.”